Wie zijn we...
De DansDoos werd in 1990 opgericht onder de naam VZW Stichting Dans. Het eerste jaar telde de vereniging 90 leden en met rasse schreden groeide dit aantal uit tot 400 dansers, met een leeftijd tussen 5 en 65 jaar. De lessen worden gegeven door Liesje Oversteyns en Luc Morren, die beiden hun diploma van danspedagoog aan de Dansacademie Brabant te Tilburg (Nederland) behaalden. Tevens zijn ze huischoreograaf bij dansgroep Imago Tijl.
De gemotiveerde en enthousiaste docenten van de DansDoos streven naar kwaliteit, in alle aspecten van de dansopleiding voor amateurs. De aandacht wordt gelegd op de volledige artistieke ontplooiing van de leerling. Er worden drie stijlen onderwezen, met name: klassiek ballet, moderne dans en jazzdans, elk op het niveau van de leerlingen.
Toen de dansschool nog Stichting Dans heette, werd het een kleurenpallet van artistieke vorming, waar plaats was voor zowel de individuele als de sociale ontwikkeling van het kind, adolescent of volwassene in een artistiek gebeuren. Elk lid nam de dansante kleur in zich op en in een groepsgebeuren werden schilderingen gemaakt naar ieders kunnen, die resulteerden in een tweejaarlijks kijkmoment in het Dommelhof theater te Neerpelt. Op olijke, krachtige, machtige, lyrische, dramatische en andere tonen toonden de leerlingen hun danspassen aan het publiek, om het volgende jaar zich weer volledig toe te leggen op de danstechniek, die daarna weer uitmondde in een volgende voorstelling waarin de vooruitgang van de leerling duidelijk tot uiting kwam.
En nu Stichting Dans de DansDoos heet, is dat niet anders. Want als je de Dansdoos opent springen, hinkelen, tollen, rollen, zwaaien en draaien de bewegingen eruit om DANS te worden. Dans, fantastisch om te doen, soms adembenemend om naar te kijken. En dus blijft de DansDoos op het spoor van Stichting Dans. Om het jaar wervelt het bewegingen op het podium van het Dommelhof theater, om daarna één jaar deksel en doek gesloten te houden voor publiek, zodat de dansers zich kunnen ver(vol)maken.
Verder worden de leerlingen aangespoord om in groepsverband dansvoorstellingen, in nabij gelegen culturele centra, bij te wonen.

